Nieuwbouw vleermuiswinterverblijf Moervendonk - Heeswijk-Dinther (2021)

Carlo Wijnen • 7 december 2021

Een voorbeeldproject met allerlei praktische oplossingen voor vleermuizen

Wanneer gebiedseigenaren of particulieren een vleermuiswinterverblijf willen realiseren, geef ik vaak uitgebreid advies. Het is allereerst belangrijk om na te gaan of er überhaupt een kans is dat vleermuizen gebruik zullen maken van het nieuwe verblijf. Daarvoor is kennis nodig van de regio en van de vleermuissoorten die in de directe omgeving voorkomen.

Als het gebied geschikt blijkt én er in de nabije omgeving geen andere winterverblijven aanwezig zijn, kan ik samen met de opdrachtgever een subsidieaanvraag indienen bij de betreffende organisatie(s). Bij dit project waren alle voorwaarden aanwezig. De verwachtingen zijn hoog, mede dankzij de bereidheid van de eigenaar om al mijn bouwkundige adviezen op te nemen in het plan en daadwerkelijk uit te voeren.


Bouwkundige keuzes


Materiaalkeuze
Het liefst hadden we gebruikgemaakt van oude keerwanden. Die zijn duurzaam en dragen bij aan hergebruik van materialen, wat ik erg belangrijk vind. Bovendien zorgen oude materialen vaak voor extra ruwheid en kieren, die ideaal zijn voor vleermuizen. Helaas waren die niet beschikbaar. Daarom is gekozen voor nieuwe betonnen keerwanden. Door slimme toepassing van gemetselde tussenwanden zijn er toch veel wegkruipmogelijkheden ontstaan.


Opbouw van de ruimte
De tussenwanden slingeren door de hele ruimte. Hierdoor ontstaat een langere vliegroute en worden er verschillende klimaatzones gecreëerd. De muren zijn tot het plafond opgetrokken, zodat er weinig luchtstroming is en de ruimtes klimaatstabiel blijven.

De wanden zijn gemetseld met gebakken (bij voorkeur handvorm) metselstenen. Kalkzandsteen, beton, poriso of straatklinkers zijn minder geschikt, omdat deze geen vocht opnemen en afgeven. In de muurtjes zijn veel wegkruipplekken aangebracht, onder andere door (stoot)voegen deels uit te krabben.


Afmetingen van wegkruipplekken

  • Breedte: 1,5–2 cm
  • Diepte: minimaal 4 cm
  • Hoogte: minimaal 6 cm

Het is belangrijk om zoveel mogelijk variatie in te brengen, zonder dat de constructie instabiel wordt. De muren kunnen in meerdere sessies worden opgetrokken. Ook de sterkte van de specie kan variëren.

In dit project is vaak gewerkt met 3 delen zand en 1 deel cement. Op plekken waar minder sterkte nodig was, is 9 delen zand, 1 deel cement en 2 delen kalk gebruikt. Dit blijft zachter en vochtiger, en maakt het mogelijk om later nog voegen uit te krabben.


Plafond en extra voorzieningen

Het plafond bestaat deels uit betonnen Stelconplaten en deels uit gewelfd metselwerk. Dat zorgt voor variatie in hoogtes. Aan de onderzijde van de gewelven zijn voegen zo veel mogelijk uitgekrabd, waardoor er extra wegkruipplekken ontstaan.

Ook oude dakpannen zijn gebruikt. Deze zijn opgeruwd met poedertegellijm en aan de bovenzijde afgesloten met specie. Ze zijn bevestigd tegen de betonnen wanden, die vooraf horizontaal zijn opgeruwd met dezelfde lijm.




Klimaat in het winterverblijf


Na afronding zijn muren en plafond afgedekt met dekzand. Dat zorgt voor een stabiel en vochtig binnenklimaat.

  • Winter: de temperatuur moet tussen 1 en 10 °C liggen. Het is ideaal als de temperatuur geleidelijk oploopt vanaf de ingang naar het achterste deel van het verblijf.
  • Zomer: het verblijf blijft koel, rond 5 tot 15 °C.

Het winterverblijf kan het hele jaar door worden gebruikt, maar het drukst is het vanaf de nazomer. Dan wordt er gezwermd bij het verblijf en vindt er vaak paring plaats.

Het verblijf mag maar één keer per jaar worden betreden, door specialisten met ontheffing, om een wintertelling uit te voeren. Zodra er vleermuizen zijn vastgesteld, krijgt het verblijf een officiële beschermde status.


Onderzoek en monitoring

Sinds 23 mei 2022 nemen we deel aan een onderzoek van de Universiteit van Greifswald (Duitsland). Bij de invliegopening is een elektronisch telraam geplaatst dat alle in- en uitvliegbewegingen registreert. Tegelijk wordt bij binnenkomst een foto gemaakt. Zo kunnen we vastleggen welke soorten, en hoeveel exemplaren, gebruik maken van het verblijf.

De universiteit monitort al ruim 200 winterverblijven in Duitsland, maar dit was het eerste nieuwe verblijf dat vanaf de start gevolgd kon worden. In de nacht van 30 op 31 mei 2022 hadden we al de eerste bezoeker: een gewone grootoorvleermuis.
(teloverzicht winter bij onderstaande foto's)


Kijk in alle projecten om alle daarin gedeelde tips&tricks te lezen voor het beste resultaat!

door Carlo Wijnen 27 januari 2025
Nieuw vleermuiswinterverblijf in De Maashorst Waarom een tweede winterverblijf? In onze regio ligt het grootste aaneengesloten natuurgebied van Noord-Brabant: De Maashorst . Ruim 3.500 hectare aan prachtige natuur, maar tot voor kort slechts één vleermuiswinterverblijf. Dat kon natuurlijk beter. Ook de gemeente Maashorst dacht daar zo over. Daarom is in oktober 2024 gestart met de ontwikkeling van een tweede winterverblijf. Samen met bouwkundig tekenaar Paul van Hout hebben we een doordacht ontwerp gemaakt. In april 2025 ging de eerste schop in de grond. Door het nieuwe verblijf vlak bij het bestaande winterverblijf te bouwen ontstaat clustering. Dit vergroot de kans dat vleermuizen het nieuwe verblijf snel ontdekken. Bovendien groeit een cluster vaak harder dan twee losse locaties: 1 + 1 = 3 . Constructie en inpassing in het landschap Het nieuwe winterverblijf meet 9 × 6 meter en heeft een binnenhoogte van 2 meter . De fundering bestaat uit Stelconplaten die direct in het zandbed liggen, wat uitstekend werkt op droge zandgronden. Het hele gebouw ligt 75 centimeter onder maaiveldhoogte . Daardoor valt het niet op in het landschap en ontstaat in de winter een dun laagje water op de bodem. Dat houdt (bos)muizen buiten. De vleermuisingang is op het oosten gericht, zodat er geen direct zonlicht naar binnen valt en de natuurlijke winterkou bewaard blijft. Hufterproof en klimaatgericht ontwerp De dieren vliegen via een traliewerk van steigerbuizen door een gangetje naar de Cortenstalen toegangsdeur . Zowel deur als kozijn zijn van staal en blijven daardoor ook in vochtige wintermaanden goed te openen — iets wat bij houten deuren vaak misgaat. Om vandalisme te voorkomen zijn de stalen steigerbuizen gevuld met grit . Dit breekt een metaalslijpschijf zodra men zou proberen ze door te slijpen. In de deur zitten onderaan perforaties die zorgen voor een lichte luchtstroom, wat gunstig is voor het binnenklimaat. De invliegopening is 35 mm hoog, zodat marters niet naar binnen kunnen. Metselwerk dat microklimaten creëert Het metselwerk bestaat uit poreuze handvorm waalsteen formaat in zes varianten met elk een andere porositeit. Hardere stenen nemen minder vocht op dan zachtere. Door de stenen te mixen en her en der de stootvoeg weg te laten, ontstaan microklimaatjes die vleermuizen kunnen kiezen naar hun voorkeur. We vermijden stenen die nauwelijks vocht bufferen, zoals: Straatklinkers Betonstenen (zoals BIA-blokken) Poriso Kalkzandsteen Het metselwerk is steens uitgevoerd. Ook de binnenwanden zijn steens gemetseld, zodat vleermuizen in de open stootvoegen kunnen wegkruipen zonder in tocht te hangen. In totaal zijn er ongeveer 1200 open stootvoegen aangebracht over de volledige hoogte van de muren, wat zorgt voor veel variatie in temperatuur en luchtvochtigheid. Binnenwanden en klimaatdorpels creëren aparte compartimenten die elk hun eigen microklimaat hebben. Zo bufferen ruimtes met hogere dorpels meer warme lucht. (Zie onze andere projecten voor meer uitleg.) Plafond met duizenden wegkruipplaatsen Op het metselwerk liggen stroroosters . Deze vormen een sterk plafond en bieden ongeveer 1800 wegkruipplaatsen . Om te voorkomen dat er zand door de roosters valt, liggen er gebruikte stoeptegels op de openingen. We raden antiworteldoek af — geen plastic in de grond. Tussen de betonplaten ontstaan natuurlijke kieren, die door hun schuine kanten mooie wegkruipplekken vormen. Maar deze kieren kunnen ook toegangen worden voor gravende dieren. Daarom sluiten we deze altijd; (bos)muizen kunnen slapende vleermuizen aanvreten. Extra variatie door een verborgen ‘schoorsteen’ Een opgemetselde ‘schoorsteen’, volledig verborgen in het zandbed, zorgt voor nóg meer variatie in wegkruipmogelijkheden. Door zijn ligging heeft deze opbouw een ander klimaat dan de rest van het verblijf. Het zandbed boven het verblijf is 1 meter dik , wat bijdraagt aan een stabiele binnentemperatuur gedurende het hele winterseizoen. Klaar voor de toekomst Met deze nieuwbouw krijgt De Maashorst eindelijk de capaciteit die past bij zo’n groot natuurgebied. Door clustering, klimaatbewuste bouw en duizenden wegkruipplaatsen verwachten we dat de populatie overwinterende vleermuizen hier de komende jaren sterk zal groeien. Succes! De oplevering was oktober 2025, maar al bij de eerste NEM-Wintertelling medio januari 2026 troffen we twee gewone grootoorvleermuizen (Plecotus auritus) aan. Bekijk al onze projecten voor praktische tips en voorbeelden van wat wel en niet werkt.
door Carlo Wijnen 26 augustus 2024
Herstel en opwaardering van de ijskelder op Landgoed Coudewater (Rosmalen)
door Carlo Wijnen 14 maart 2024
Opwaardering van een potentieel sterk winterverblijf
door Carlo Wijnen 21 december 2023
Vleermuiskasten zonder vogels?
door Carlo Wijnen 12 november 2023
Toegankelijk willen maken voor wintertellingen en uiteindelijk flink vergroten...
door Carlo Wijnen 27 december 2022
Twee functies perfect gecombineerd in één gebouw
door Carlo Wijnen 18 november 2021
Gebruik van juiste materialen is mede bepalend voor succes
door Carlo Wijnen 17 november 2021
Ombouwen duikclubkantine tot vleermuiswinterverblijf
Verbeteren vleermuiswinterverblijf Bungelaar - Beers
door Carlo Wijnen 22 september 2019
Dit vleermuiswinterverblijf is in 2010 gerealiseerd, tegelijk met het natuurlijk inrichten van de Kraaijenbergse Plassen .
door Carlo Wijnen 5 oktober 2018
In 2018 is de subsidieaanvraag, voor het verbeteren van zo'n twintigtal vleermuiswinterverblijven in N.O.-Brabant , door Brabants Landschap, Postcode Loterij en de Provincie Brabant gehonoreerd.